Op weg naar een brede ontwikkelcultuur

eindverslag Maakplaats 021 fellowship

Eindverslag Maakplaats 021 fellowship

“Met veel plezier kijken we terug op de pilot van een trainingstraject dat we aanbieden aan Amsterdamse leraren vanuit het programma Maakplaats 021. We hopen dat uit dit verslag het enthousiasme en de overtuiging spreekt waarmee we dit programma zijn gestart en ook in de komende jaren willen doorzetten. Mede dankzij steun van de NSvP en Instituut Gak zijn de eerste editie (pilot) tot mooie resultaten gekomen, en daarmee een kickstart geweest voor een intensieve samenwerking vanuit OBA / Maakplaats 021 met scholen in verschillende buurten en wijken van Amsterdam.”

Het volledige (inhoudelijke) eindverslag, geschreven door de Sacha van Tongeren van Maakplaats 021, is hier als pdf te downloaden.


In 2017 is Maakplaats 021 van start gegaan; een programma waarbij OBA samen optrekt met Waag, Pakhuis de Zwijger en de Hogeschool van Amsterdam om maakplaatsen op te zetten in verschillende OBA-vestigingen in Amsterdam. Een maakplaats is een speelkamer in de OBA waar kinderen uit de buurt kennis kunnen maken met digitale fabricage en hun creativiteit en digitale vaardigheden kunnen ontplooien. 
Naast een aanbod voor individuele kinderen (na schooltijd) biedt Maakplaats 021 ook scholen de mogelijkheid van de maakplaatsen gebruik te maken. Het doel is om van de maakplaatsen een netwerk van ‘externe technieklokalen’ te maken voor scholen in alle buurten van Amsterdam. Een plek waar docenten met hun klas naartoe kunnen gaan om te werken met digitale fabricage en zo hun leerlingen kennis te laten maken met de 21ste eeuwse vaardigheden. Een plek waar de benodigde apparatuur, materialen en begeleiding aanwezig zijn om samen aan de slag te gaan.

Om duurzame relaties met scholen te creëren en leraren te ondersteunen bij het ontwikkelen van maakonderwijs in hun scholen is er in samenwerking met Waag een speciaal trainingsprogramma ontwikkeld: het Maakplaats 021 fellowship. Het programma Maakplaats 021 is opgezet vanuit de overtuiging dat elke jongere de kans verdient om uitvinder te worden. Dit impliceert onvermijdelijk dat leraren dat moeten faciliteren. 'De rol van de leraar is om de omstandigheden te creëren voor exploratie, in plaats van de hapklare kennis over te dragen’. Maar als dat het geval is, dan moeten leraren zelf ook die kans krijgen. Want als leraren zelf niet kunnen ervaren hoe het is om te maken en te creëren met technologie, hoe kunnen we dan van ze verwachten dat ze onze kinderen begeleiden in dit proces? En bovendien, zoals veel van ons, hebben leraren soms hulp nodig om hun angsten voor technologie te overwinnen.

Het fellowship programma is een praktijkvoorbeeld dat antwoord geeft op de challenge-vragen gesteld door de NSvP en Instituut Gak over het leren van de toekomst. In dit eindverslag gaan we in op de gestelde vragen:
・    Welke toekomstvaardigheden hebben werkenden nodig om bij te blijven op een dynamische arbeidsmarkt?
・    Hoe kunnen jongeren met een gerichte aanpak skills ontwikkelen die voorbereiden op een Leven Lang Leren?
・    Op welke plekken kan leren en ontwikkelen nog meer plaatsvinden dan in een klas of werkplek?
・    Hoe kunnen jongeren door het verbinden van verschillende leeromgevingen skills ontwikkelen die in meerdere beroepenvelden van waarde zijn en bijdragen aan een Leven Lang Leren?
 

Maakplaats 021

Maakplaats 021 is een gezamenlijk initiatief van de OBA, Waag Society, Pakhuis de Zwijger en de Hogeschool van Amsterdam. Met steun van de Gemeente Amsterdam worden er in de komende jaren in tenminste 10 vestigingen van de OBA maakplaatsen gerealiseerd. Inmiddels zijn er al 6 maakplaatsen geopend. Doel is om in deze Maakplaatsen een verbinding te maken tussen het binnenschoolse- en buitenschoolse educatieve aanbod. Het netwerk van scholen in de stad is daarbij leidend. Na schooltijd kunnen jongeren gebruik maken van de faciliteiten van de Maakplaats zodat ‘ecosystemen in buurten’ ontstaan waarbij ieder kind in Amsterdam de kans krijgt vaardigheden te ontwikkelen die passen bij deze tijd. Maar ook tijdens schooltijd kunnen scholen in de buurt van de maakplaatsen gebruik maken van de faciliteiten. 

Maakonderwijs

Maakonderwijs is leren (door te) maken. Het is een creatieve manier om kinderen te helpen uitvinder te worden. Maakonderwijs stimuleert hoofd, handen en hart. In de afgelopen jaren zijn allerlei moderne technologieën goedkoop en makkelijker beschikbaar geworden. Denk daarbij aan 3D-printers en elektronica, waarmee kinderen op een laagdrempelige manier kunnen ontwerpen én maken. De leerlingen van vandaag, en daarmee de werknemers en burgers van morgen, kunnen deze gereedschappen gebruiken om hun creativiteit te ontplooien. Door de verbinding tussen creativiteit en technologie kunnen kinderen zich beter ontwikkelen: kennis wordt meteen toegepast en ingezet voor het maken van dingen die ze leuk vinden.

Maakonderwijs is:
-    gericht op kennisconstructie in plaats van kennisoverdracht.
-    creatief van aard: het spreekt vindingrijkheid, creativiteit en verbeelding aan.
-    technisch van aard: leren ontwerpen, programmeren, bouwen, verbeteren, 3D-printen, computers bouwen en materialen combineren.
-    procesgericht: het eindresultaat is minder belangrijk dan het ontwerp en maakproces.
-    een kwestie van proberen, vallen en opstaan.
-    voor iedereen geschikt: jong en oud, denkers en doeners.

Conclusies 

Leren in de maakplaats
Wat opviel is dat kinderen uitermate gefascineerd en gemotiveerd aan de gang gingen, met materiaal dat vaak net iets anders is dan wat ze normaal gesproken in de klas hebben. Kinderen zijn er snel heel handig mee en ze werken samen op een manier die in de klas niet naar voren komt. In een klas van 30 vallen alleen de drukke kinderen op. In de maakplaats zie je ook de rustige leerlingen tot leven komen. Door de jongeren serieuze vragen te stellen over belangrijke uitdagingen in de samenleving, voelen ze zich uitgedaagd om met mooie ideeën en oplossingen te komen. Er zijn geen grenzen. 

Leraar en de maakplaats
De meeste leraren hebben nog nooit gewerkt met de apparatuur en materialen uit de maakplaats. Het idee is dat uiteindelijk een leerkracht zelf de groep kan begeleiden en dat de maakplaats-coaches een handje helpen. En dat kan. Er zit een grote meerwaarde aan de maakplaatsen in de OBA omdat het scholen ook ontlast. Sommige scholen willen zelf een lab; dan ontstaat de vraag: waar ga je dat doen, fysiek? Bovendien gaat het om bijzonder dure apparatuur, veel scholen hebben niet de mogelijkheid om dat te bekostigen. Nu kun je juist inzetten op een samenwerking en een wisselwerking tussen school, OBA maakplaats en de buurt; dat is waar we naar op zoek zijn. Samen met de maakplaats-coaches kan er bedacht worden hoe projecten kunnen worden vormgegeven en hoe leraren zelf verder aan de slag kunnen. Leraren geven aan het prettig te vinden om ook zelf eens naar de maakplaats te gaan en eenvoudige vaardigheden te leren. Nu er een maakplaats is waar je makkelijk binnenloopt, komt dat binnen handbereik. 

Maakonderwijs op school
Verschillende scholen hebben plannen om een lab in te richten, maar deze nieuwe ontwikkelingen nodigen uit om slimmer na te denken over combinaties met de maakplaatsen in de bibliotheek. 
Het valt leraren op dat als kinderen in de maakplaats iets gemaakt hebben, ze daarna op een andere manier aan een ontwerpopdracht werken dan wanneer ze niet in de maakplaats zijn geweest. Het is interessant om hier gericht aandacht voor te hebben in de volgende maakplaatsen. 
De opdrachten die de leraren in de trainingen hebben gedaan zijn makkelijk over te nemen in de klas. De stap om het echt te gaan doen, is daarmee kleiner geworden. Het zou mooi zijn om het maakonderwijs te integreren in alle schoolvakken, er zijn zoveel mooie links te leggen. Als je geleerd hebt om de goede vragen te stellen, dan kun je het maakonderwijs in alle vakken toepassen. 

School en maakplaats
Voor alle leraren die hebben meegedaan geldt dat ze graag verder willen en vervolgstappen willen zetten. Door 4 keer per jaar Clubavonden te organiseren hopen we de groep te faciliteren om te blijven leren met elkaar. Ook wordt door scholen die nieuwe techlabs gaan inrichten aangegeven dat zij ondersteuning nodig hebben. Er wordt nagedacht over de mogelijkheid om scholen vanuit Maakplaats 021 een soort ondersteuningsservice aan te bieden. 

 

Hoe verder? Naar een brede ontwikkelcultuur

Het maakvirus lijkt inmiddels voet aan de grond te krijgen in de bibliothekensector. Ook veel andere bibliotheken in het land zijn met maker-programma’s begonnen, meestal gericht op kinderen en jongeren. Hoewel Maakplaats 021 ook primair gericht is op die doelgroepen, kijken we ook expliciet naar de mensen om de kinderen heen. Voor een leven lang leren is het belangrijk naar het hele ecosysteem van leren te kijken en verschillende partijen te blijven verbinden. Innovatie ontstaat vanuit nieuwe samenwerkingen; in dit geval tussen scholen, makerspaces en bibliotheken. Verder gaat een leven lang leren ook over de ‘ontwikkelcultuur’: in de samenleving, in de stad, in de buurt, maar ook thuis en in je eigen organisatie. ‘Learning is my lifestyle’ zou ons motto moeten worden.

 


Het volledige verhaal is te zien en te lezen in het eindverslag. Het verloop van het project vind je op onze Challenge-website
 

Bijlage

Thema's

Onderwerpen

Over NSvP

De NSvP maakt zich hard voor een menswaardige toekomst van werk. We stellen de vraag hoe de arbeidsmarkt van morgen eruit ziet en onderzoeken hoe werk zodanig kan worden ingericht dat het bijdraagt aan de menselijke waarden en behoeften. We zijn een onafhankelijke stichting. We financieren als vermogensfonds innovatieve projecten op het snijvlak van mens, werk en organisatie.

Rijnkade 88
6811 HD Arnhem
info@nsvp.nl
026 - 44 57 800

 

Vind ons op Facebook
Volg ons