WRR: meer aandacht voor mens en kwaliteit van werk

Mensen Maatschappij Meedoen

Een goed begin van het nieuwe jaar!
Met het rapport Het betere werk. De maatschappelijke opdracht opende de WRR dit jaar de discussie over de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt met een belangrijke boodschap: we moeten mensvriendelijker worden, meer oog hebben voor de menselijke aspecten van werk en economische groei niet als doel op zich zien. Goed werk draagt bij aan brede welvaart en sociale samenhang. “Ons doel moet niet zijn de meest competitieve economie te hebben maar de beste plek om te werken”. Dat betekent goed werk voor iedereen die kan en wil werken.

Flexparadox niet bevorderlijk voor inclusieve arbeidsmarkt 

De NSvP staat voor een Omkering in denken en doen die bijdraagt aan een menswaardige toekomst van werk. Verschillende ontwikkelingen, waaronder technologische ontwikkelingen, kunnen bijdragen aan minder werk of minder kwalitatief goed werk of tot uitsluitingsprocessen bij de verdeling van werk. Geleidelijk lijkt de aandacht voor menswaardig werk en een inclusieve arbeidsmarkt toe te nemen. Het jaar 2019 rondden wij af met de presentatie van het whitepaper van Joop Schippers die met financiering van de NSvP vijf maanden lang als NSvP/NIAS fellow onderzoek deed naar arbeidsmarktontwikkelingen en met name de gevolgen voor de positie van jongeren. Zij werken vaker in flexcontracten en hebben in die positie minder toegang tot leer- en ontwikkelingsmogelijkheden. Met name jongeren in praktische beroepen lopen vaker de kans in een tijdelijke baan te werken en het gebrek aan investering in hun ontwikkeling maakt hun arbeidspositie extra kwetsbaar. Schippers noemt dit de flexparadox. Hoewel het investeren in ontwikkeling door iedereen als belangrijk wordt gezien, maakt het flexibele contract het investeren in flexwerkers op een geforceerde manier onrendabel. 

Herwaardering van de collectiviteit

Hoewel het met veel jongeren goed gaat en het algemene opleidingsniveau stijgt, zijn er ook jongeren die op verschillende vlakken aanzienlijk minder mogelijkheden hebben dan anderen. De conclusie luidt dan ook: sociaal cultureel kapitaal bepaalt in hoge mate de kansen die jongeren hebben op het gebied van opleiding en werk. Eenmaal achterop geraakt is het niet makkelijk om aan de andere kant van “de muur” te komen, bevestigde het SER rapport Hoge verwachtingen deze zomer. Het is niet zozeer de individuele prestatie die het onderscheid maakt tussen de cans en cannots, want alleen al de wijk waar je woont1 bepaalt voor een deel het opleidingsniveau en economische positie op de arbeidsmarkt. Schippers roept op om meer aandacht te besteden aan de groep die achterop raakt, en pleit voor een herwaardering van de collectiviteit. Met basisbanen kunnen we er bovendien voor zorgen dat mensen niet buitenspel blijven staan, maar actief kunnen participeren, een zinvolle bijdrage aan de samenleving kunnen leveren en sociale contacten kunnen opbouwen. 

Meer aandacht voor de kwaliteit van werk

Ook de WRR signaleert nu dat werk in toenemende mate complexer wordt; mensen ervaren meer werkdruk, het werk moet sneller, er worden hogere eisen gesteld en de sociale context waarin we werken is vaak complex. Dit betekent dat van mensen ook op communicatief vlak veel wordt verwacht, zoals het oplossen van conflicten en omgaan met agressie. Tegelijkertijd is de autonomie afgenomen, kunnen mensen met verschillende systemen steeds beter in hun werk gevolgd en gecontroleerd worden en wordt er veel gevraagd van verantwoording en registratie. Tenslotte is de onzekerheid voor mensen in flexwerk groot - inmiddels heeft 36% van de werkenden geen vast contract. De genoemde ontwikkelingen zijn bepalend voor de hoeveelheid werk en voor wie er werkt, maar ook voor de kwaliteit van werk. Volgens de WRR moet er daarom veel meer aandacht komen voor de kwaliteit van werk. Het hebben van werk is namelijk goed, zowel voor het inkomen en het zelfrespect van individuen als voor de samenleving. Daarnaast moet er aandacht komen voor een brede welvaart en daarmee ook voor verdeling van werk. 

Basisbaan sluitstuk van sociale zekerheid

Met het WRR rapport lijkt de discussie over de basisbaan, of wat eerder werd geïntroduceerd in de vorm van “de Melkertbaan” weer te herleven. In Nederland hadden in 2017 1,6 miljoen mensen een uitkering, berekende de WRR. Tegelijkertijd investeert Nederland, ook in vergelijking met andere Europese landen, nauwelijks in actief arbeidsmarktbeleid. Mensen zonder werk hebben weinig mogelijkheden voor scholing en krijgen nauwelijks persoonlijke begeleiding. De redenering van de raad is dat als het hebben van werk zo belangrijk is voor de gezondheid en het welbevinden van mensen, en van belang voor de sociale samenhang in ons land, we mensen niet kunnen ‘afschepen’ met een uitkering. Het sluitstuk van de sociale zekerheid zou daarom niet de bijstand maar de basisbaan moeten zijn.

Kosten en opbrengsten arbeidsmarkt XL

Interessant is dat de WRR hiermee breder kijkt naar werk dan alleen de kosten en opbrengsten in financiële sfeer. Ook gezondheid, welbevinden en sociale samenhang hebben een waarde en die zou moeten mee worden genomen in het ontwikkelen van arbeidsmarktbeleid. Dit is precies de gedachte van Ton Wilthagen die zich al langer bezighoudt met het idee van een arbeidsmarkt XL. In februari start hij als nieuwe NSvP/NIAS-fellow om hier nader onderzoek naar te doen. Zijn waarneming is dat er een te groot gat zit tussen de gangbare banen aan de ene kant en mensen die helemaal niet mee doen aan de samenleving en voor langere tijd aan de kant staan aan de andere kant. Juist in het middengebied zijn nieuwe baanconstructies mogelijk. Daar is volgens hem veel te winnen voor de groep mensen die op de gangbare banen economisch gezien onvoldoende ‘productief’ zijn, maar wel degelijk kunnen en willen participeren in de samenleving. Door op een bredere manier naar kosten en opbrengsten van werk te kijken kan inzichtelijk worden gemaakt dat in het middengebied, waar ook gesubsidieerde banen of basisbanen een plaats hebben, maatschappelijk veel te winnen is. Wilthagens doel is om de sociale opbrengsten ook een financiële waarde mee te geven, zodat deze opbrengsten meer in beeld komen bij beleidsmakers. In het licht van de verschillende publicaties lijkt de tijd rijp om naast de economische afwegingen die we maken op het gebied van arbeidsmarktbeleid, meer oog te hebben voor de sociale en maatschappelijke afwegingen. Het belooft een spannend jaar te worden!
 


[1] Zie bijvoorbeeld: ter Weel, B. , de Jong, G. en Muilwijk-Vriend, S. (2019)  Sociale ongelijkheid in Nederland Intergenerationele ongelijkheid en hardnekkige lage inkomens SEO economisch onderzoek

 

 

Thema's

Onderwerpen

Over NSvP

De NSvP is een onafhankelijke stichting en vermogensfonds, en zet zich in voor een menswaardige toekomst van werk. Wij ontwikkelen, delen en verspreiden kennis op het gebied van mens, werk en organisatie. We stellen de vraag hoe de arbeidsmarkt van morgen eruit ziet en wat dat vraagt van de talentontwikkeling van jongeren en werkenden. 

Rijnkade 88
6811 HD Arnhem
info@nsvp.nl
026 - 44 57 800

 

Vind ons op Facebook
Volg ons