Laagopgeleiden doen te weinig mee met Leven Lang Leren

27 september 2010 13:42 - 
PSW.nl

Hoeveel laagopgeleiden zijn er? Wordt hun aantal inmiddels kleiner? Blijft hun werkgelegenheid op peil? Hoe is het gesteld met hun deelname aan leven lang leren? Wat doen sociale partners, gemeenten en onderwijsaanbieders voor deze doelgroep? Houden zij in beleid en uitvoering genoeg rekening met de specifieke kenmerken van laagopgeleiden? En last but not least: wat kunnen we in Nederland doen om onze ambities op het gebied van economische en sociale ontwikkeling en Leven Lang Leren nu eens écht waar te maken? Een antwoord op deze vragen vindt u het rapport 4xL: Lang Leve Leren Laagopgeleiden.

Extra aandacht lager opgeleiden
Nederland wil om economische redenen dat 35% van de beroepsbevolking in 2016 deelneemt aan een leven lang leren. Nu zitten we nauwelijks op de helft en de deelname aan leven lang leren vlakt sinds 2000 wat af. Dit heeft onder andere te maken met conjuncturele invloeden in combinatie met visie: tijdens laagconjunctuur is er weinig bereidheid geld te investeren in scholing, tijdens hoogcon-junctuur geen tijd. Ook lijkt er sprake van een zekere scholingsverzadiging bij grote bedrijven en hoger opgeleiden. De groei van een leven lang leren zal nauwelijks in die segmenten kunnen plaatsvinden. Ten derde moeten we constateren dat het ook komt doordat bepaalde groepen werknemers en dan met name laagopgeleiden te weinig meedoen met een leven lang leren. De scholingsdeelname van lager geschoolde volwassenen is nog altijd substantieel lager dan die van middelbaar en hoger ge-schoolde volwassenen. Dit vormt de aanleiding voor het rapport: 4xL: Lang Leve Leren Laagopgeleiden; Van ideaal naar waar verhaal

Ambities waarmaken
Als we onze ambitie op het terrein van een leven lang leren willen waarmaken, is het nodig om deze doelgroep beter te leren kennen. Het beleid om leven lang leren te bevorderen, is veelal gericht op kenniswerkers, het topsegment van de beroepsbevolking. Of het is te algemeen van aard: het richt zich op alle volwassenen en houdt te weinig rekening met de specifieke kenmerken van de laaggeschoolden onder hen. Lager geschoolden kunnen daardoor niet evenredig profiteren van alle maatregelen die de afgelopen jaren zijn genomen. Met alleen generiek beleid is het onmogelijk om een doorbraak te bewerkstelligen.

Triest
Dat is om sociale en economische redenen triest, want juist laagopgeleiden hebben een groot risico om niet meer goed mee te kunnen in onze complexe samenleving in het algemeen en op de arbeidsmarkt in het bijzonder. Terwijl ze toch een kwart tot een derde van onze beroepsbevolking uitmaken. Daarmee dreigen laagopgeleiden steeds meer een groep te worden die de samenleving veel kost, in plaats van een groep die een waardevolle maatschappelijke en economische bijdrage levert.

Provinciaal beleid
Dit rapport wil eraan bijdragen om dit in Brabant te voorkomen door het verschaffen van inzicht in de volgende vier kernvragen:

  1. Hoe is de situatie qua laagopgeleiden op dit moment in Brabant?
  2. Waar moeten we rekening mee houden als we de scholingsdeelname van lager geschoolde volwassenen substantieel willen verhogen?
  3. Wat zijn de ontwikkelingen die van invloed zijn op de scholingskansen van laagopgeleiden?
  4. Wat kunnen Brabantse partijen doen om de deelname van laagopgeleiden aan een leven lang leren substantieel te verhogen?

Voor meer informatie zie:

http://www.psw.nl/publicaties/uitgaven/4_x_l_lang_leve_leren_laagopgeleiden.html

http://www.psw.nl/assets/structured-files/Publicaties/Artikelen/Lang%20leven%20leren%20voor%20laagopgeleiden.pdf

Thema's: 
Onderwerpen: 

Reageren

Geef de karakters in die u in de afbeelding ziet. (verify using audio)
Neem de tekens uit het bovenstaande figuur over. Waneer de tekens niet duidelijk zijn, kunt u het formulier verzenden om een nieuw figuur weer te geven. De tekens zijn niet hoofdlettergevoelig.

NSvP
Rijnkade 88
6811 HD Arnhem

Tel: 026-4457800
Fax: 026-4439222